Blindvermogen afhankelijk van de netspanning configureren.


Met de Data Manger kunt u blindvermogen afhankelijk van de netspanning (Q(U)) in uw installatie omzetten.

LET OP

Verantwoording van de eigenaar over richtwaarden voor het netbeheer

De eigenaar is verantwoordelijk voor de juistheid van de instellingen en de gegevens over het netbeheer en het nominale installatievermogen. Bij verkeerde instellingen en gegevens kunnen apparaten en installatie schade oplopen.

  1. De door de netwerkexploitant en de normatief gevraagde instellingen over het netbeheer correct instellen. Indien nodig contact opnemen met de netwerkexploitant.
  2. Correcte waarden over het nominale installatievermogen invoeren. Bij uitbreidingen van de installatie de waarden voor het nominale installatievermogen aanpassen.
  3. Waarborg dat alle benodigde instelwaarden aanwezig zijn of cyclisch worden gezonden.

Voorwaarden:

  • In de installatie moet een geschikte energiemeter op het netaansluitpunt gemonteerd zijn.

Werkwijze:

  1. Meld u aan bij de gebruikersinterface van de Data Manager.
  2. Selecteer in het menu Configuratie het menupunt Netbeheer.
  3. In de regel Blindvermogen de knop Configuratie & activering selecteren.
  4. De installatiewizard wordt geopend.
  5. Bevestig elke stap met [Doorgaan].
  6. Selecteer de bedrijfsmodus Regeling.
  7. De signaalbron Blindvermogen-/spanningskarakteristiek Q(U) selecteren.
  8. De stappen van de installatiewizard volgen en de instellingen overeenkomstig de door de netwerkexploitant en de normatief gevraagde instellingen uitvoeren.
  9. Kies [Opslaan].
  10. Bij nieuwe en vervangen omvormers in het menu Configuratie het menupunt Parameter selecteren en de volgende parameters instellen:
    • Landnorm van de omvormer

    • Bedrijfsmodus van het terugleverbeheer van de omvormer