Apparaatparameters veranderen


Met de installatieparameterassistent heeft u de mogelijkheid, parameters afzonderlijk of van meerdere aangesloten apparaten gelijktijdig te veranderen. U kunt ook parameters van een apparaat op vervangen en aan de installatie toegevoegde apparaten overdragen.

Voorwaarden:

  • Alle apparaten in het lokale netwerk moeten in bedrijf zijn en via een internetrouter met Sunny Portal verbonden zijn.

  • De externe parametrering op het communicatieapparaat moet zijn ingeschakeld.

Parameters van een apparaat wijzigen

  1. Meld u aan in de Sunny Portal.
  2. Het apparaat kiezen, waarvan de parameters moeten worden gewijzigd.
  3. Selecteer het menu [Configuratie].
  4. Kies in het contextmenu [Parameter].
  5. Parameter veranderen en met [Opslaan] bevestigen.
  6. Het kan enige tijd duren, voordat de parameters aan het apparaat worden overgedragen. Details over de parameterveranderingen kunnen in de Gebeurtenismonitor worden ingezien.

Parameters van meerdere apparaten tegelijkertijd wijzigen

  1. Meld u aan in de Sunny Portal.
  2. Installatie kiezen.
  3. Selecteer het menu [Configuratie].
  4. Kies in het contactmenu [Parameterinregeling apparaten].
  5. Kies de knop [Installatieparameter-assistent].
  6. De installatie-setup-wizard wordt geopend. Na beëindiging van de installatie setup-wizard kan de status van de parameterveranderingen worden bekeken. Details over de parameterveranderingen kunnen in de Gebeurtenismonitor worden ingezien.

Parameters overdragen

  1. Meld u aan in de Sunny Portal.
  2. Het apparaat kiezen, waarvan de parameters moeten worden overgedragen.
  3. Selecteer het menu [Configuratie].
  4. Kies in het contextmenu [Parameter].
  5. Kies de knop [Download] en met [Nu downloaden] bevestigen.
  6. Een csv-bestand met alle parameterinstellingen wordt gedownload.
  7. Installatie kiezen.
  8. Selecteer het menu [Configuratie].
  9. Kies in het contactmenu [Parameterinregeling apparaten].
  10. Kies de knop [Installatieparameter-assistent].
  11. De installatie-setup-wizard wordt geopend.
  12. Kies de knop [Importeren].
  13. Het csv-bestand met de parameterinstellingen kiezen en met [Uploaden] bevestigen. Waarborg, dat de formattering van het CSV-bestand niet wordt veranderd. Let er daarbij op, dat teksten met een tekstbewerker moeten worden bewerkt.
  14. Na beëindiging van de installatie setup-wizard kan de status van de parameterveranderingen worden bekeken. Details over de parameterveranderingen kunnen in de Gebeurtenismonitor worden ingezien.