Montage en aansluiting controleren


Vakman

Voer voor de inbedrijfstelling of tijdens de opbouw een grondige controle van alle montage- en aansluitwerkzaamheden uit. De controle is gebaseerd op DIN VDE 0100-600.

Werkwijze:

  1. Zorg ervoor dat de omvormer correct is gemonteerd en aangesloten.
  2. Zorg ervoor dat de batterij correct is gemonteerd en aangesloten. Met name moeten de eisen aan de montagelocatie en de plaatselijke brandveiligheidsverordeningen in acht zijn genomen.
  3. Bij aanwezige DC-verdeler: zorg ervoor dat de DC-verdeler correct is gemonteerd en aangesloten.
  4. Controleer of alle batterijkasten correct werden gemonteerd.
  5. Bij enkele batterijkast: controleer of alle elektrische aansluitingen op de batterijkast zijn tot stand gebracht.
  6. Bij meerdere batterijkasten: zorg ervoor dat alleen de aarding op de batterijkasten is aangesloten, maar dat er geen andere elektrische aansluitingen tot stand zijn gebracht. De aansluitingen worden pas bij het inbedrijfstellingsproces uitgevoerd.
  7. Zorg ervoor dat de meegeleverde energiemeter correct is gemonteerd en aangesloten (zie handleiding van de energiemeter).
  8. Aardingsweerstand of de continuïteit van de aardleiding meten.
  9. Meet de isolatieweerstand.
  10. Controleer de polariteit tussen omvormer en batterij.
  11. Bij aanwezige DC-verdeler: zorg ervoor dat de vermogensschakelaar van de DC-verdeler is ingeschakeld.

    Zie hiervoor ook: