Bedieningselementen
Bedieningselement | Beschrijving |
|---|---|
Gebruikersinterface van de omvormer | De gebruikersinterface van de omvormer dient voor de configuratie en bewaking van het systeem, primair echter van de omvormer en batterij. Als meerdere omvormers zijn geïnstalleerd, kan een omvormer als System Manager worden geconfigureerd. De gebruikersinterfaces van de System Manager dient voor de configuratie en bewaking van alle omvormers en batterijen in het systeem. |
Optioneel: gebruikersinterface van de SMA Data Manager M | Als een SMA Data Manager M is geïnstalleerd, wordt de SMA Data Manager M als System Manager geconfigureerd. De gebruikersinterfaces van de System Manager dient voor de configuratie en bewaking van alle omvormers en batterijen in het systeem. |
Led-indicaties van de omvormer | De leds signaleren de bedrijfstoestand van de omvormer. |
Led-indicatoren op het bedieningspaneel en op de hoogspanningsbox van de batterij | De leds signaleren de bedrijfstoestand van de batterij. |
Display op het bedieningspaneel van de batterij | Via het display worden bij de inbedrijfstelling van de batterij enkele basisinstellingen uitgevoerd. Bovendien toont het display de gebeurtenismeldingen van de batterij. |
Aan-/uitknop op het bedieningspaneel van de batterij | Aan-/uitknop wordt bij de inbedrijfstelling en bij het vrijschakelen van de batterij gebruikt. |
Noodstopschakelaar op het bedieningspaneel van de batterij | De noodstopschakelaar wordt in noodsituaties gebruikt om de batterij snel uit te schakelen. |
DC-scheidingsschakelaar van de batterijkast | De DC-scheidingsschakelaar wordt bij de inbedrijfstelling en bij het vrijschakelen van de batterij gebruikt. De positie is afhankelijk van de variant:
|
Aardlekschakelaars QF, QF1 en QF2 aan de hoogspanningsbox | De aardlekschakelaars worden bij de inbedrijfstelling en bij het vrijschakelen van de batterij gebruikt. |
Buitenvariant: aardlekschakelaars FUa/b, QF-C1 tot QF-C5 aan de behuizing | De aardlekschakelaars FUa/b en QF-C1 tot QF-C5 worden bij de inbedrijfstelling en bij het vrijschakelen van de batterij gebruikt. |
Zie hiervoor ook: