CAN-communicatie tussen de batterijkasten aansluiten
Vakman
Op 1 omvormer kunnen tot 4 batterijkasten worden aangesloten: bij systemen met meer dan 1 batterijkast moeten de batterijmanagementsystemen van de afzonderlijke batterijkasten via de CAN-communicatiebus in serie met elkaar worden verbonden. Alle aansluitingen vinden plaats op de hoogspanningsbox.
Procedure aan de laatste secundaire batterijkast:
- De voorgeïnstalleerde CAN-stekker aan COM0 loskoppelen en in de T-adapter uit de aanvullende set steken.
- De in COM1 voorgeïnstalleerde afsluitweerstand naar een andere poort van de T-adapter verplaatsen.
- De korte communicatiekabel uit de aanvullende set aan de derde poort van de T-adapter en aan COM0 insteken.
- De communicatiekabel in de richting van de vorige batterijkast in COM1 steken.
- Aansluitingen aan de T-adapter controleren.
- 1x korte communicatiekabel naar COM0.
- 1x communicatiekabel naar bedieningspaneel (LCU).
- 1x afsluitweerstand.
Procedure aan andere secundaire batterijkasten:
- De in COM1 voorgeïnstalleerde afsluitweerstand verwijderen.
- De communicatiekabel in de richting van de volgende batterijkast in COM1 steken.
- De voorgeïnstalleerde CAN-stekker aan COM0 loskoppelen en in de T-adapter uit de aanvullende set steken.
- De communicatiekabel in de richting van de vorige secundaire batterijkast in een andere poort van de T-adapter steken.
- De korte communicatiekabel uit de aanvullende set aan de derde poort van de T-adapter en aan COM0 insteken.
- Aansluitingen aan de T-adapter controleren.
- 1x korte communicatiekabel naar COM0.
- 1x communicatiekabel naar bedieningspaneel (LCU).
- 1x communicatiekabel in de richting van de vorige secundaire batterijkast.
- De procedure aan alle secundaire batterijkasten herhalen, behalve aan de laatste batterijkast.
Procedure aan de primaire batterijkast:
- De in COM1 voorgeïnstalleerde afsluitweerstand verwijderen.
- De communicatiekabel met de eerste secundaire batterijkast in COM1 steken.