Instellingsmogelijkheden voor parallel bedrijf van meerdere batterijkasten


Op 1 omvormer kunnen tot 4 batterijkasten worden aangesloten. Bij systemen met meer dan 1 batterijkast moet telkens op het bedieningspaneel het gebruik als secundaire batterijkast (slave) worden ingesteld. Als fabrieksinstelling zijn alle batterijkasten als primaire batterijkast (master) ingesteld. De slave/master-instelling bevindt zich op het bedieningspaneel van de batterijkast in het menu SMA Storage XL > Communication > bsmu:

  • Primaire batterijkast (master): Status = Enabled

  • Secundaire batterijkast (slave): Status = Disabled

Op elke secundaire batterijkast moet het adres worden ingesteld. De adressen moeten uniek en doorlopend zijn. Standaard is adres 80 ingesteld, dat wordt gebruikt voor de primaire batterijkast. Dit betekent dat de adressen voor andere batterijkasten de volgende zijn:

  • 81: eerste secundaire batterijkast

  • 82: tweede secundaire batterijkast

  • 83: derde secundaire batterijkast

De adressen-instelling bevindt zich in het menu SMA Storage XL > Communication > bcmu. Bij de parameter prot change op Modify klikken en het adres onder slave_id invoeren.

Op de primaire batterijkast moet het aantal batterijkasten worden ingesteld. De instelling bevindt zich in het menu Home > Battery Status Overview > Setting. In de parameter Cluster Num. moet het aantal batterijkasten (2 tot 4) worden geselecteerd. Voor het aantal wordt rekening gehouden met alle batterijkasten. Bij 3 secundaire batterijkasten moet samen met de primaire batterijkast het aantal 4 als aantal worden geselecteerd.