Handmatige firmware-update via de gebruikersinterface uitvoeren


Vakman

Functiebeperkingen tijdens de update

Tijdens het uitvoeren van een update kunnen beperkingen van de functionaliteit van het product optreden. Het product voert een herstart uit en kan tijdelijk buiten werking zijn. De procedure duurt meerdere minuten en kan niet worden onderbroken.

Laadproces wordt onderbroken

Wanneer een handmatige firmware-update tijdens een actief laadproces wordt uitgevoerd, wordt het laden onderbroken. Het laadproces moet aansluitend weer opnieuw worden gestart. SMA Solar Technology AG adviseert een handmatige firmware-update uit te voeren zonder aangesloten voertuig.

Laadkabelvergrendeling na firmware-update controleren

Na een firmware-update kan de parameter Laadkabel op laadstation vergrendelenals gedeactiveerd worden weergegeven.

  1. Controleer na de update de status van de parameter. Voer vóór de overdracht aan de klant een test-laadprocedure met een voertuig uit en controleer of de laadkabelvergrendeling correct werkt.

Voorwaarden:

  • Er moet een updatebestand met gewenste firmware van het product beschikbaar zijn. Het updatebestand is bijvoorbeeld verkrijgbaar als download op de productpagina onder www.SMA-Solar.com.
  • De gebruikersinterface moet geopend zijn en u moet als Installateur aangemeld zijn.

    Werkwijze:

    1. Selecteer in de focusnavigatie het product.
    2. Selecteer het menu [Configuratie].
    3. Selecteer het menupunt Update en beveiliging.
    4. In het gedeelte Handmatige update de knop [Bestand selecteren] selecteren en het update-bestand voor het product selecteren.
    5. De gebruikersinterface bevestigt dat het update-bestand compatibel is.
    6. Als de gebruikersinterface de compatibiliteit van het update-bestand niet bevestigt, het update-bestand vervangen.
    7. [Update starten] selecteren.
    8. Volg de instructies in het dialoogvenster.
    9. Na de firmware-update voert het product een herstart uit.
    10. Selecteer het menu Monitoring.
    11. Selecteer het menupunt Gebeurtenismonitor.
    12. Controleer bij de gebeurtenissen, de parameterinstellingen of onder toesteleigenschappen of de update van de firmware succesvol is voltooid.