Installatie van een bijkomende batterijmodule

Batterijmodules mogen alleen binnen 24 maanden na de eerste inbedrijfstelling worden uitgebreid. Een uitbreiding na 24 maanden kan leiden tot een reducering van de bruikbare capaciteit van de nieuwe module op het niveau van de reeds geïnstalleerde modules.
Om na de eerste inbedrijfstelling van het batterijsysteem een bijkomende batterijmodule te installeren, gaat u steeds te werk zoals beschreven in dit hoofdstuk.
Werkwijze:
- Controleer of voor de omvormer en de batterij de nieuwste firmwareversie aanwezig is. De nieuwste firmwareversie vindt u op de desbetreffende productpagina op www.SMA-Solar.com.
- Als de omvormer en de batterij niet met de nieuwste firmwareversie zijn uitgerust, voer dan een firmware-update van de omvormer en de batterij uit (zie handleiding van de omvormer).
- Meld u in de Sunny Portal powered by ennexOS aan en filter in het menu onder Monitoring > Gebeurtenismonitor op "Batterij". Controleer bij de gebeurtenissen of de firmware-update van de batterij succesvol is voltooid.
- Laad of ontlaad de batterij naar 30 % SOC ( > Laadtoestand van de batterijmodules op 30 % brengen).
- Schakel het product spanningsvrij ( > Schakel het product spanningsvrij).
- Draai de beide bouten (M6/SW10) van de BMS-eenheid los en pak de BMS-eenheid weg.
- Monteer de extra batterijmodule en bevestig deze aan de muur ( > Product monteren). Verwijder hiervoor de wandsteun en bevestigingshoeken van de bovenste reeds geïnstalleerde module en gebruik deze voor de uitbreidingsmodule.
- Zet de BMS-eenheid op de bovenste batterijmodule en bevestig deze met de beide combibouten (M6x16) (SW10, koppel 5 Nm).
- Stel het systeem met alle batterijmodules weer in bedrijf.
Zie hiervoor ook: